De Amerikaanse onderwijsauteur Alfie Kohn schreef in 2011 het stuk Teaching Strategies That Work! (Just Don’t Ask “Work to Do What?”). Na mijn serie posts over denken en kennis (deel 1, 2, 3, 4) en de publicatie van mijn boek De Denkende Klas, leek het me opportuun om die vraag maar weer eens te stellen. Ik heb delen van zijn stuk vertaald en aangevuld met overwegingen van anderen en mijzelf.
Ik realiseer me heel goed dat ik me voor de zoveelste keer op glad ijs begeef. Veel leraren zullen die vraag, “Werken voor wat?” overbodig vinden vanuit de vanzelfsprekende aanname dat we toch weten wat het doel van lesgeven is. Voor anderen is die vraag misschien ronduit verontrustend. Het is heel comfortabel om je werk te doen met de zekerheid dat wat je doet de goedkeuring heeft van de wetenschap. Alfie Kohn is dan een hinderlijke horzel, die ons lastigvalt met ondermijnende vragen.

In mijn vorige stuk over de niet genoeg te prijzen serie documentaires van omroep Human schreef ik dat wij leraren niet moeten wachten tot de politiek met oplossingen komt voor kansenongelijkheid in het onderwijs. We kunnen meer dan we geneigd zijn te denken. Daarover gaat dit stuk. Oplossingen Allerlei commentaren op de serie Klassen stellen […]

Rubrics zijn overal. Ze worden gepropageerd in lerarenopleidingen, op nascholingen en studiedagen. Er worden boeken en websites aan gewijd. Er zijn (al dan niet lucratieve) apps, plugins en tools bij de vleet, de gevreesde doorlichting verwacht ze, en leerkrachten produceren en gebruiken ze sinds een tiental jaar braafjes en massaal. In deze gastblog werpt Ruben De Baerdemaeker een kritische blik op deze veelgebruikte onderwijshulpmiddelen.

Stel een leraar beslist dat jij of je zoon of dochter niet slaagt, wat doe je dan? Ik hoop dat je vraagt waarom en wellicht hoop jij dan dat de lesgever een degelijke verklaring heeft waarom je een onvoldoende kreeg en je vervolgens tips geeft hoe het beter kan. Het is een positieve evolutie geweest […]

In deze gastblog wijst Jan Fasen erop dat de coronacrisis nieuwe mogelijkheden biedt, mits we ons niet laten verblinden door mogelijke achterstanden die kinderen thuis zouden hebben opgelopen. “Er hoeven geen lessen ingehaald te worden na de meivakantie. Leerlingen hebben voldoende nieuwe lessen geleerd. Laat hun over die ervaringen vertellen. Die lessen maakten weliswaar geen […]

De coronacrisis is een enorme belasting voor het onderwijs dat het de laatste jaren al niet makkelijk had. Leraren, interne begeleiders en schoolleiders hebben in recordtijd alles uit de kast getrokken om de lessen zo goed mogelijk te laten doorgaan. Inspanningen die voor de toekomst – post-corona – een schat aan ervaringen en goede lessen kunnen opleveren. Lessen die niet alleen nuttig zijn in perioden waarin scholen geheel of gedeeltelijk gesloten zijn, maar die ook als reflectie dienen op het onderwijs als geheel. Wat is essentieel? Wat is niet nodig? Wat kan anders? Daarbij kun je denken aan de rol en de frequentie van toetsen, zelfstandig werken, samenwerken, de verhouding tussen kwalificatie, socialisatie en subjectificatie etc. Wij willen hier een beginnetje maken met de inventarisatie van die inspanningen en in het bijzonder de ervaringen die daarmee zijn opgedaan.

Jan Bransen schreef op zijn blog: Onder druk van de coronacrisis buigt het onderwijs zich op dit moment over het toetsen op afstand. Menigeen vraagt zich daarbij af hoe je dat veilig kunt doen, en dan denkt bijna iedereen aan hoe je fraude kunt voorkomen. Toetsen is blijkbaar vooral een kwestie van wantrouwen en veiligheid een kwestie van surveilleren. Ik vind dat vreemd. Waarom staan leraren en leerlingen tijdens het toetsen tegenover elkaar? Een veilig onderwijsklimaat vraagt om wederzijds vertrouwen. Dat zou toch ook voor het toetsen moeten gelden?

Door het COVID-19 virus moeten veel leerlingen en studenten de komende tijd onderwijs op afstand volgen. Informatie wordt overgedragen via (live) video’s en opdrachten worden op papier meegegeven of digitaal gemaakt. Wat alleen een uitdaging kan zijn, is het toetsen. Op welke manier kun je goed online toetsen? In dit artikel enkele inzichten en tools.

In deze gastblog formuleert René Kneyber een viertal bezwaren tegen het gebruik van RTTI® als determinatie-instrument. 1. RTTI® wordt voor het verkeerde doel ingezet. 2. Inzicht krijgen in waar de leerling staat kan ook sneller. 3. RTTI® en vooral de tweede T & I zeggen meer iets over de kwaliteit van je onderwijs dan over de leerling en 4. RTTI® inzetten als middel om te determineren is onredelijk.

Deze blog verscheen eerder op Droog’s leren delen Cijfers geven werkt niet, Ten Brink Uitgevers/Didactief 2013, geschreven door Dylan William(Embedded Formative Assessment, 2011) en vertaald en bewerkt voor Nederland door René Kneyber, is een boek met een tamelijk provocerende titel. Het boek gaat in op de vraag van de leraar, hoé kan ik mijn leerlingen effectief kennis en vaardigheden aanleren?  Het […]