De woorden burgerschap en wereldburgerschap staan volop in de belangstelling in het huidige onderwijsdebat. Denk aan het wetsvoorstel ‘Verduidelijking burgerschapsopdracht in het funderend onderwijs’ van afgelopen juni door minister Arie Slob of de discussie over dit onderwerp in het kader van de herziening van het landelijk curriculum. Een praktische vertaalslag van (wereld)burgerschap naar het klaslokaal is blijkbaar nog niet zo eenvoudig.

Wat is dat, (wereld-)burgerschapsonderwijs en hoe geef je dit gestalte? En vooral ook hoe doe je dat als je geen docent maatschappijleer, aardrijkskunde of geschiedenis bent?

Ik ben geen docent in één van deze vakken, maar in mijn lespraktijk (Frans) is met name wereldburgerschap prominent aanwezigIk gebruik de term wereldburgerschap omdat het globale aspect hierin meer vertegenwoordigd is dan bij burgerschap en op mijn school wereldburgerschap een speerpunt is. De begrippen die bij burgerschapsvorming aan de orde komen, zijn ook van belang bij wereldburgerschap.1Ik gebruik de term wereldburgerschap omdat het globale aspect hierin meer vertegenwoordigd is dan bij burgerschap en op mijn school wereldburgerschap een speerpunt is. De begrippen die bij burgerschapsvorming aan de orde komen, zijn ook van belang bij wereldburgerschap. [1]. In mijn optiek kunnen alle schoolvakken hier een zinnige bijdrage aan leveren. Ik probeer van mijn leerlingen wereldburgers te maken door:

  • ze kennis van en betrokkenheid bij de wereld buiten de Nederlandse grenzen mee te geven;
  • ze bewust te maken van hun toekomstige rol in de wereld;
  • ze te laten inzien dat mensen verschillend zijn, maar dat er altijd onderlinge verbondenheid te vinden is;
  • ze empathie en respect bij te brengen voor andere normen en waarden;
  • hen inzicht te geven in internationale ontwikkelingen en mondiale vraagstukken;
  • ze zelfstandig te laten nadenken over diversiteit in de wereld.
Leerlingen tijdens hun bezoek aan Streets of the World.

In deze blog laat ik zien hoe ik dit aanpak en waarom ik hier waarde aan hecht. Het materiaal dat ik gebruik zijn foto’s uit de rubriek Naast het Nieuws uit dagblad Trouw en afbeeldingen van schilderijen of WorldPress foto’s. Sinds ik de tentoonstelling Streets of the World bezocht, gebruik ik regelmatig beeldmateriaal uit deze indrukwekkende collectie.

De Nederlandse fotograaf Jeroen Swolfs heeft in 7 jaar 195 landen bezocht en in ieder land het straatleven gefotografeerd. Het resultaat is de tentoonsteling Streets of the World. Met dit omvangrijke project wil hij laten zien dat er ondanks alle moeilijkheden en gevaren, altijd en overal positieve dingen te ontdekken zijn. De foto’s van Streets of the World zijn voor mij een dankbare bron om opgroeiende burgers op weg te helpen om zelfstandig denkende wereldburgers te worden. Vanaf 7 maart zal deze tentoonstelling gratis te bezoeken zijn op de Zuidas in Amsterdam. Een unieke kans dus om wereldburgerschap het klaslokaal binnen te halen. De werkvormen die ik op dit beeldmateriaal leg, zijn gericht op observatie.

Kader 1
Omdat hij niet tevreden was over de observatie- en diagnostieke vermogens van zijn studenten, nam dermatoloog dr. Irwin Braverman van de Yale Medical School hen mee naar het museum waar hij samen met de conservator een visueel werkcollege voorstelde. Er was geen betere manier om te leren observeren, vond hij2Fareed Zakaria, Lof van de geesteswetenschappen p. 78..

Je zou hieruit kunnen afleiden dat kunst helpt om bewuster te kijken. Al jaren kijk ik samen met mijn leerlingen naar foto’s en schilderijen. Ik ben ook geen docent CKV of tekenen, maar een docent in een moderne vreemde taal. Toch maakt het leren observeren een substantieel, terugkerend onderdeel uit van mijn lespraktijk. Telkens weer word ik geraakt door de grote mate van betrokkenheid van mijn leerlingen tijdens deze observatie-activiteiten.

In mijn lessen is kijken naar kunst een adempauze in een curriculum waarin ik mijn leerlingen ook vaak voordoe op welke manier ze moeten ‘’denken’’ om aan de benodigde punten te komen op een examen. Maar ik geloof bovenal in onderwijs waarbij leerlingen gevraagd wordt om voor zichzelf te denken en zich te verwonderen. Het observeren van kunst biedt mij deze gelegenheid.

Ook Pestalozzi, de verlichtingspedagoog, werkte al met observatielessen. Voor hem was het vanzelfsprekend dat kinderen hun eigen observaties wilden maken en op die manier tot diep leren kwamen.

Diep leren

Om dit diepe leren te bereiken, pas ik werkvormen toe die je Slow Looking noemt. Slow Looking is het verzamelen van observaties en niet het geven van verklaringen, het oplossen van vraagstukken of het voordoen van hoe er gedacht moet worden. Slow Looking is verder kijken dan wat je ogen waarnemen bij een eerste indruk. Sinds ik Slow Looking werkvormen toepas, ben ik gefascineerd hoe gemotiveerd de leerlingen zijn tijdens deze lesactiviteiten. Er ontstaat een vorm van aandacht die mij als docent iedere keer verbaast en die ik probeer te duiden. Waardoor komt het dat mijn leerlingen zo getriggerd zijn als ik dit doe?

Mijn leerlingen leven in een vluchtige wereld. Gedurende de dag is er via sociale media een visuele overdaad die om hun aandacht schreeuwt en die ze tegemoet treden met een swipende blik. Aangejaagd door hun eigen verlangens, navigeren ze van het ene naar het andere beeld, vaak zonder er veel aandacht aan te schenken. Door de Slow Looking werkvormen toe te passen vraag ik mijn leerlingen om vertraagd te kijken naar de wereld die hen omringt. Dit zijn ze niet gewend. Maar ook de meeste museumbezoekers niet.

Een gemiddelde bezoeker kijkt tussen de 13 tot 45 seconden naar een kunstwerk3Claus-Christian Carbon, Art, Perception in the Museum: How we spend Time and Space in Art Exhibitions’ in iPerception vol 8., bepaalt in dat korte tijdsbestek of hij het kunstwerk mooi vindt of niet en loopt verder. Biesta vergelijkt deze manier van museumbezoek met het doen van inkopen waarbij ook voortdurend keuzes gemaakt worden tussen iets mooi of niet mooi vinden4“Walking the museum can also be a form of shopping: I like this, I don’t like that.” Art, Artists and Pedagogy Philosophy and the arts in education. p.148.. Deze gehaaste houding kan niet ontsluiten wat er schuilgaat achter het kunstwerk. En achter deze foto of dit schilderij gaat nu juist een wereld schuil die ik samen met mijn leerlingen wil ontdekken.

Vandaar dat deze werkvormen zich uitstekend lenen voor wereldburgerschapsonderwijs. Maar om te komen tot dit mindful observeren moet ik wel denktijd faciliteren in mijn les. Dat is een keuze die je als docent in je curriculum moet willen én durven maken.

Manieren van denken

Docenten veronderstellen vaak dat hun leerlingen denken. Maar wat is denken en wanneer is er sprake van diep denken? Denken is immers onzichtbaar, dus hoe weet ik nu of mijn leerlingen denken?


Kader 2

De onderzoeksgroep van Project Zero Harvard School of Education ontwikkelde de Artful Thinking Palette. Dit raamwerk is een handig referentiemiddel dat verschillende vormen van denken aangeeft (Kader 2). Door dit raamwerk toe te passen op vormen van kunst breng ik mijn leerlingen in aanraking met zes verschillende manieren van denken waaronder: ondervragen en onderzoeken, observeren en beschrijven, vergelijken en verbinden, vinden van complexiteit, onderzoeken van standpunten en beredeneren. Bij iedere vorm van deze denkvaardigheden kun je als docent een aantal werkvormen toepassen. In totaal zijn dat een achttiental werkvormen.

Observeren en het stimuleren van de denkvaardigheden vormen het hart van deze lesactiviteiten. Daarnaast bevorderen ze het zelfstandig verwoorden en daardoor ook de taalontwikkeling van de leerlingen, want in mijn geval vinden alle activiteiten in de doeltaal Frans plaats. Opvallend is dat mijn leerlingen tijdens hun examen spreekvaardigheid uit zichzelf deze denkvaardigheden toepassen in hun presentaties.

Toepassing in de les

Kies een les waarin je minimaal 15 minuten kunt besteden aan één van deze werkvormen. Geef geen informatie over de foto of het kunstwerk, de maker of het doel want daarmee stuur je de gedachten van je leerlingen terwijl je juist wilt bereiken dat de leerling zelfstandig denkt.

Hier volgen vier voorbeelden van Slow Looking-werkvormen uit mijn eigen lespraktijk.


Kader 3

See – Think – Wonder

Leerdoel:
De werkvorm See – Think – Wonder stimuleert de leerling om goed te observeren en doordachte vragen te stellen.
Denkvaardigheid:
Ondervragen en onderzoeken
Opdracht5Bij deze werkvorm worden 4 talen aangeboden om te illustreren dat de toepassing bij alle talen mogelijk is.:
Kijk naar de foto en vul het schema in.
Deel daarna jouw observaties met een klasgenoot.

In de les:
We praten over het feit dat sommige leerlingen denken dat de staande man een bestraffende indruk maakt. Weer anderen merken op dat deze man waarschijnlijk voedsel komt uitdelen. Wat zien ze waardoor ze dit denken? Onderwerpen als eerlijke verdeling, mensenrechten, mondiale betrokkenheid komen ter sprake.


Kader 4

Step Inside

Leerdoel:
De werkvorm Step Inside leert een leerling om perspectief te nemen door in de huid van iemand anders te kruipen.
Denkvaardigheid:
Onderzoeken van standpunten.

Opdracht:
Kies een persoon van deze foto.
Wat kan deze persoon zien en voelen?
Wat zou deze persoon denken?
Wat zou belangrijk zijn voor deze persoon?

Schrijf een tekst vanuit deze persoon waarin je antwoord geeft op bovenstaande vragen. Vergelijk jullie antwoorden.

In de les:
De leerlingen delen hun geschreven teksten met elkaar. Vanuit eenzelfde perspectief ontstaan vaak verschillende interpretaties.


Kader 5

Looking ten times two

Leerdoel:
De werkvorm Looking ten times two leert de leerling te vertragen en gedetailleerde observaties te maken die verder gaan dan eerste indrukken.
Denkvaardigheid:
Observeren en beschrijven.

Opdracht:
Kijk gedurende minstens 60 seconden naar de foto. Noteer in de linkerkolom 10 woorden/zinnen die een aspect van de foto beschrijven.

Kijk daarna opnieuw naar de foto en probeer nieuwe elementen te ontdekken. Voeg in de rechterkolom nog 10 woorden/zinnen aan jouw lijst toe.
Vergelijk jouw antwoorden met een klasgenoot.

In de les:
Bij een klassikale inventarisatie blijkt dat de ene leerling iets anders waarneemt dan de andere. De interactie tussen het beeld en de leerling is bij iedereen verschillend. Het visuele systeem pikt blijkbaar op wat relevant is voor deze persoon. Het oog wordt steeds anders gestuurd. Daarmee ontstaat niet alleen betrokkenheid bij andere culturen, maar ook respect voor elkaars interpretaties. Ter sprake komen onderwerpen als verdeling en duurzaamheid.


Kader 6

What makes you say that?

Leerdoel:
De werkvorm What makes you say that? leert de leerling beschrijven wat hij ziet en dit te beredeneren.
Denkvaardigheid:
Beargumenteren.

Opdracht:
Wat gebeurt er op de foto?
Wat zie je op de foto waardoor je dit zegt?
Deel jouw observatie met een klasgenoot.

In de les:
De onderwerpen diversiteit, identiteit en tradities komen ter sprake. Kennismaking en respect voor andere normen en waarden staan centraal. 

Wereldburgerschap en subjectvorming

Door het aanbieden van deze activiteiten haal ik de wereld in mijn klaslokaal en creëer ik een bewustzijn die verder gaat dan de grenzen van de eigen leefwereld van mijn leerlingen. De foto’s van Streets of the World bieden tal van mogelijkheden om met de leerlingen de thema’s van wereldburgerschap6Canon voor Wereldburgerschap samengesteld door NCDO en Universiteit van Utrecht (2009) te onderzoeken: identiteit, diversiteit, duurzaamheid, globalisering, verdeling, mensenrechten, vrede en conflict en mondiale betrokkenheid. Je vindt ze allemaal terug in de foto’s.

Maar dat niet alleen! Deze werkvormen doen recht aan wat ik waardevol vind in het onderwijs; namelijk dat ik leerlingen benader als denkende en handelende subjecten die ook een aandeel hebben in het onderwijsproces en niet alleen aangeleerde kunstjes op een examen produceren. Juist tijdens deze momenten ervaar ik dat onderwijs een kwalitatieve ontmoeting is tussen mij en de leerling waarin ik het verlangen bij ze probeer te wekken om op een volwassen manier in het leven te staan. Waarbij volwassen gezien moet worden als een verantwoordelijke manier van leven in relatie tot de ander en de planeet. En juist deze existentiële dimensie van onderwijs zijn we de afgelopen decennia te veel uit het oog verloren.

Biesta verwoordt het zo7Biesta, G. in: Art, Artists and Pedagogy p. 149.:

‘’Rather than seeing the work of the teacher as telling students what they should think and how they should be, I see the work of the teacher as ‘interruptive’, that is, bringing the question of the quality of what is being expressed, or, in other words the desirability of what is being desired, into the lives of students, not as a question that can be answered once and for all, but as a question that is worth asking in each new situation, as a question that is worth carrying with oneself throughout one’s life. To carry this question with oneself, as a ‘living question’, is what it means to try to exist in and with the world in a ‘grown up’ way, always ‘measuring’ one’s own desires (including one’s desire for identity) against the desires of others, always asking whether what I desire is desirable for my own life, and my life with others on a planet with limited capacity for fulfilling all our desires.’’

forwebslow-looking-pakket.jpg

De tentoonstelling Streets of the World zal vanaf 7 maart gratis te bezoeken zijn op de Zuidas in Amsterdam. Hiervoor is een lesbrief beschikbaar voor scholen in zowel het primair als voortgezet onderwijs. Daarnaast is er educatief materiaal ontwikkeld bij deze tentoonstelling; bijvoorbeeld een kort project over de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties. Het educatieve materiaal is geschreven door Liesbeth Breek.

Een kortere versie van dit stuk verscheen op Didactief Online.

Literatuur

Naughton, Christopher, Biesta, Gert, Cole, David.R. (2018) Art, Artists and Pedagogy London/New York, Routledge

Tishman, Shari (2018) Slow Looking The art and practice of learning through observation. London/New York, Routledge

Van Zeil, Wieteke (2018) Goed kijken begint met negeren Amsterdam/Antwerpen Atlas Contact

Zakaria, Fareed (2016) Lof van de geesteswetenschappen, Amsterdam/Antwerpen Atlas Contact

Websites

www.pzartfulthinking.org

www. streetsoftheworld.com

www.makingthinkingvisible.com

Bronnen

Afbeelding kader 2: Artful Thinking Palette Project Zero Harvard

Foto kader 3: Streets of the World Jeroen Swolfs India/New Delhi

Foto kader 4: Streets of the World Jeroen Swolfs Irak/Bagdad

Foto kader 5: Streets of the World Jeroen Swolfs Papoea-Nieuw-Guinea/ Port Moresby

Foto kader 6: Streets of the World Jeroen Swolfs Soedan/Khartoem


Meer weten of interesse in een workshop?
liesbeth.breek@gmail.com

Liesbeth Breek is werkzaam op het Petrus Canisius College te Alkmaar en werkt tevens als onderwijsontwikkelaar en docententrainer.

2
Reageer op dit artikel

avatar
2 Comment threads
0 Thread replies
0 Volgers
 
Most reacted comment
Hottest comment thread
2 Comment authors
Liesbeth BreekWouter Pols Recent comment authors

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

  Subscribe  
nieuwste oudste meest gestemd
Abonneren op
Liesbeth Breek
Gast
Liesbeth Breek

Veel dank voor deze waardevolle observatie. De vraag: “wat zie je waardoor je dit zegt” is hier de essentie en een uitnodiging aan de leerling om betekenis te geven aan wat de leraar in de wereld van zijn leerling brengt. In zijn laatste boek spreekt Biesta ook uitvoerig over Rancière en de onwetende leraar. Uw opmerking nodigt mij weer uit om me verder in Rancière te verdiepen. Dank hiervoor.

Wouter Pols
Auteur

Ik heb het idee dat hier de kern van goed onderwijs ‘opspringt’. Onderwijzen is ‘wijzen naar’. De leraar zegt: ‘Kijk daar is iets waarvan ik denk dat het goed, belangrijk, betekenisvol voor jou is om aandacht aan te besteden’ (citaat Gert Biesta). De leraar wijst en ‘licht’ dat wijzen ‘toe’, maar de leerling zal aan dat waarop gewezen wordt – uiteindelijk – zelf betekenis moeten geven. In die zin staat elke leraar met lege handen; hij of zij is zogezegd een ‘onwetende’ meester (Jacotet). Het enige wat hij kan doen is (‘toelichtend’) wijzen en steeds weer vragen ‘wat zie je?’… Lees verder »

About Liesbeth Breek

Docent Frans Petrus Canisius College Alkmaar Onderwijsontwikkelaar mentorprogramma Op naar de top! Studiecoach Ambulant begeleider

Category

onderwijs

Tags

, , , , ,