Op onze groepsblog verschenen eerder stukken die onderzoek uit 2014 instemmend aanhaalden, dat zou aantonen dat aantekeningen maken met de hand beter is dan met de laptop. Het is interessant hoe voortschrijdend inzicht in de wetenschap zulke stellige uitspraken in een ander daglicht kan stellen.
Ik voeg hierbij mijn vertaling van een blog van Rebecca Sullivan uit 2019, ‘Writing Notes By Hand Might Not Be Better than Typing’, gevolgd door een paar afsluitende opmerkingen van mijn hand. Het artikel dat zij bespreekt, is een studie van Morehead e.a. uit 2019.

Het antwoord van Ohran Agirdag (KU Leuven) in zijn boeiende boek “Onderwijs in een gekleurde samenleving” is ‘ja’. Veel hangt echter volgens hem af van de manier waarop schoolteams inspelen op de diversiteit van hun leerlingpopulatie. Niet alles, want ook de leerlingen zelf moeten het engagement opnemen en het handelingsvermogen ontwikkelen om het beste van hun schoolloopbaan te maken.

Tijdens de “Week van het Nederlands” is het geen overbodige luxe om de onderzoeksrapporten over de taalcompetenties Nederlands van onze schoolgaande jongeren en recente visiestukken over een effectiever onderwijs Nederlands boven te spitten. De grond ruikt plots naar herfst, de aanbevelingen hieronder naar een ontluikende lente. Ik deze blog komt Kris Van den Branden met 7 aanbevelingen.

Jongens hebben minder gunstige schoolloopbanen en vrouwen minder gunstige beroepsloopbanen. Hun opleidings- en beroepskeuze verloopt volgens traditionele patronen en leidt tot typische mannen- en vrouwenberoepen. Dat constateert de Onderwijsraad in de Verkenning van sekseverschillen in het onderwijs. Het onderwijs heeft een taak om de verschillen in school- en beroepsloopbanen van jongens en meiden te verkleinen, maar kan dat niet alleen. Ook genderstereotiepe gedrag bij de overheid, op de arbeidsmarkt en in de bredere samenleving moet veranderen.

“De leraar maakt het grootste verschil”: volgens Hargreaves en Fullan (2012) wordt die uitspraak al jaren faliekant misbegrepen. Niet de individuele leraar heeft de grootste impact op de ontwikkeling en schoolprestaties van leerlingen, maar goed samenwerkende teams van leraren. Die maken samen het grootste verschil. In Hattie’s meta-analyses heeft “collective teacher efficacy” inderdaad een sterkere impact dan individueel leerkrachthandelen, en blijkt die collectieve factor zelfs een van de meest krachtige hefbomen voor effectiever onderwijs te zijn.

In deze boekbespreking van Maryanne Wolf: Reader, Come Home, houdt Fifi Schwarz een warm pleidooi voor de intrinsieke waarde van lezen, los van economische waarden. Wolfs boek richt zich tot de de mensen die niet direct begaan zijn met lezen – maar dat wel zouden moeten zijn de docenten die andere vakken dan Nederlands geven. Reader, Come Home legt verschillende belangrijke verbindingen: tussen diep lezen en versterkte breinactiviteit, tussen het menselijke contact (specifiek de ouder-kindrelatie) tijdens voorlezen en de taalontwikkeling van kinderen, en tussen weten en lezen. Lezen is een actieve, creatieve daad is. Als je je brein ‘aanzet’ tijdens het lezen, ben je in staat om meer betekenissen aan teksten te onttrekken en eraan toe te kennen en om je kennis te vergroten.

Ilona Mathijsen en Dick van der Wateren Allereerst dank aan diegenen die de moeite hebben genomen om hun ervaringen te delen. In deze blog willen we een aantal voorbeelden graag in de schijnwerpers zetten opdat ze mogelijk anderen inspireren. Met die voorbeelden laten docenten en mentoren namelijk zienwelke mogelijkheden ze benutten, hoe ze met zorg voor en vertrouwen in de […]

De coronacrisis is een enorme belasting voor het onderwijs dat het de laatste jaren al niet makkelijk had. Leraren, interne begeleiders en schoolleiders hebben in recordtijd alles uit de kast getrokken om de lessen zo goed mogelijk te laten doorgaan. Inspanningen die voor de toekomst – post-corona – een schat aan ervaringen en goede lessen kunnen opleveren. Lessen die niet alleen nuttig zijn in perioden waarin scholen geheel of gedeeltelijk gesloten zijn, maar die ook als reflectie dienen op het onderwijs als geheel. Wat is essentieel? Wat is niet nodig? Wat kan anders? Daarbij kun je denken aan de rol en de frequentie van toetsen, zelfstandig werken, samenwerken, de verhouding tussen kwalificatie, socialisatie en subjectificatie etc. Wij willen hier een beginnetje maken met de inventarisatie van die inspanningen en in het bijzonder de ervaringen die daarmee zijn opgedaan.

Op de website van het NIVOZ doen vier auteurs een oproep om te komen tot een nieuw discours over betekenisvolle onderwijswetenschap. De vraag is inderdaad ‘waartoe doen wij onderwijsonderzoek?’ stelt Jan Bransen op zijn blog janbransen.nl.Voor mij is het grootste probleem echter het bestaan van een geïsoleerde, onafhankelijke en zelfstandige onderzoekspraktijk. Zolang die praktijk blijft […]

Ook dit jaar vraag ik jullie, onze lezers, een (kleine) bijdrage in de kosten om dit blogcollectief in de lucht te houden. We zoeken geen sponsors of subsidie, zodat we onze onafhankelijkheid als kritische onderwijsbloggers kunnen behouden. De bijdrage wordt uitsluitend besteed om de kosten te dekken, niet voor urenvergoeding. Sinds we begonnen in 2012 […]