We leven in vreemde tijden. Ik ben niet de eerste die dit vaststelt. De coronacrisis heeft voor het onderwijs onverwachte gevolgen. Dankzij onvoorstelbare inspanningen van hun leraren hebben meer dan twee miljoen leerlingen, onderwijs op afstand dat in korte tijd uit de grond is gestampt en dat zo te zien heel redelijk functioneert. Dat vraagt […]

Op maandag 27 januari hield Hester IJsseling haar lectorale rede Bezield en bezielend onderwijs. Pedagogiek van onderbreking en verbinding aan de Thomas More Hogeschool in Rotterdam. Volgens IJsseling zijn bezieling en onderbreking onderdeel van leraar-zijn. ‘Juist in momenten van frictie zit ruimte waarin kinderen kunnen verschijnen en waarin je kinderen kunt ontmoeten.’ Met haar lectoraat wil IJsseling praktijken ontwikkelen om met leraren stil te staan bij wat er gebeurt als ze onderbroken worden. Ook wil ze hen aanmoedigen om meer vanuit het hart en vertrouwen te gaan werken.

iPabo-lector Annerieke Boland opende in november de jaarlijkse Jenaplanconferentie met haar keynote over de wereldverkenningen van het jonge kind. Die vroege stappen in de wereld – van het ontdekken van je schaduw tot het samen bedenken van spelregels – zet een kind al spelend. Anneriekes boodschap: maak van een kleuter niet te vroeg een schoolkind: ‘Er is niks mis met kijken naar taal en rekenen, maar dat zit allemaal al ín het spel van jonge kinderen. Als je goed kijkt naar hun spel, zie je dat dáár het leren gebeurt.’

De drie voorgaande afleveringen van deze reeks hebben de bedoeling een aantal misverstanden over kennis, leren en denken in het onderwijs te verhelderen. Ik kwam tot de conclusie dat de volgorde zou moeten zijn: eerst denken, dat leidt tot leren en daarmee tot groeiende kennis, waarna de cyclus weer opnieuw begint. Kennis is daarmee niet een statisch gegeven, maar een levend geheel dat in samenwerking van leraren en leerlingen voortdurend groeit. In deze epiloog wil ik hardop denken over manieren om dat in de praktijk te brengen.

Kunnen en durven we ons oordeel over een kind, een leerling uit te stellen en zo de ruimte en de tijd te creëren voor iets wat we niet voor mogelijk hadden gehouden? Zijn we ons bewust van hoe wij in onze praktijk ten opzichte van kinderen staan: geduldig en vasthoudend of ongeduldig en daarmee vluchtig en oppervlakkig? Joop Berding schrijft over zijn nieuwe boek Opvoeding en onderwijs tussen geduld en ongeduld.

Nadat ik in de eerste twee afleveringen van deze reeks vragen heb onderzocht over kennis en leren, is in deze derde aflevering de beurt aan denken. Wat is denken? Waarom denken mensen? Waarom moeten we jonge mensen leren denken? Is het niet voldoende dat jonge mensen op school kennis opdoen?

In deze serie stukken onderzoek ik vooronderstellingen over kennis, leren en denken waarop de overtuiging is gebaseerd dat kinderen pas kunnen denken (en vragen stellen) als ze voldoende kennis hebben; als ze voldoende hebben geleerd. Aflevering 1 ging over kennis. In deze aflevering bevraag ik ideeën over leren, niet vanuit een leerpsychologisch perspectief maar vanuit mijn perspectief als leraar.

Er bestaat een misverstand over denken en kennis. In gesprekken met leraren en onderzoekers hoor ik zeggen dat we jonge mensen pas kunnen laten denken wanneer ze voldoende kennis hebben opgedaan. Daar zit een kern van waarheid in, maar een andere dan wordt bedoeld. Achter deze redenering zitten vooronderstellingen over kennis, leren en denken die de moeite waard zijn om te onderzoeken.

Jelmer Evers verzorgt de Onderwijsavond van het NIVOZ op 23 januari. Hij zegt o.a.: Als leraar ben je meer dan je vak, je opdracht is groter. ‘Je bent een rolmodel, in een gemeenschap die zou moeten weerspiegelen op welke manier jij samen leven en samen verantwoordelijkheid nemen voorstaat. Je vertelt daarover niet alleen via je vak, je leeft dat ook voor. Het vraagt van een school weloverwogen beleid, van iedere leraar rolbesef en een moreel kompas. Over zo’n moreel kompas moet je je uitspreken, vind ik. Het geeft je ook de ruimte om elkaar aan te spreken.

Het debat over Curriculum.nu vindt vandaag plaats in de Tweede Kamer. Gert Biesta kan niet aanwezig zijn, maar heeft zijn input schriftelijk ingediend bij de Tweede Kamercommissie en bij Didactief. Het curriculum is wel aan vernieuwing toe, schrijft hij, maar het huidige voorstel is nog onvoldoende doordacht.