In het rapport dat de OESO schreef over de invloed van Corona op onderwijs stond een cijfer dat me behoorlijk deed duizelen. De schoolsluitingen in de VS zou op lange termijn de Amerikaanse economie tussen de 14 197 en 27 982 miljard kosten. De cijfers kwamen uit een nog te verschijnen paper van de bekende onderwijseconomen Hanusheck […]

Tijl Rood, directeur van basisschool de Verwondering, merkt het aan het teruglopend aantal bezoekjes van collega-professionals aan zijn school: vernieuwend onderwijs zit momenteel in de hoek waar de klappen vallen. Een lobby in de kolommen van NRC en Volkskrant is kennelijk goed aangeslagen. Waar ‘vernieuwers’ in de beeldvorming vijf jaar geleden de wind aardig nog meehadden, lijkt er nu opeens weinig van hun intenties te deugen.

In deze boekbespreking van Maryanne Wolf: Reader, Come Home, houdt Fifi Schwarz een warm pleidooi voor de intrinsieke waarde van lezen, los van economische waarden. Wolfs boek richt zich tot de de mensen die niet direct begaan zijn met lezen – maar dat wel zouden moeten zijn de docenten die andere vakken dan Nederlands geven. Reader, Come Home legt verschillende belangrijke verbindingen: tussen diep lezen en versterkte breinactiviteit, tussen het menselijke contact (specifiek de ouder-kindrelatie) tijdens voorlezen en de taalontwikkeling van kinderen, en tussen weten en lezen. Lezen is een actieve, creatieve daad is. Als je je brein ‘aanzet’ tijdens het lezen, ben je in staat om meer betekenissen aan teksten te onttrekken en eraan toe te kennen en om je kennis te vergroten.

In deze gastbijdrage manen Ronald Keijzer en Geeke Bruin-Muurling om voorzichtig te zijn met het toepassen van Expliciete Directe Instructie (EDI) bij kleuters. Eerder schreef Pedro De Bruyckere dat aan dit stuk, dat in iets andere vorm in ScienceGuide verscheen, een paar dingen rammelden. De lezer kan voor zichzelf bepalen in hoeverre dat juist is. Dit is overigens geen poging EDI in diskrediet te brengen, of het debat hierover te polariseren. Integendeel. Eerder schreef Liesbeth Breek een stuk waarin ze laat zien hoe EDI en onderzoekend leren in een lessenserie met elkaar gecombineerd kunnen worden en dat beide noodzakelijk zijn voor goed onderwijs.

In deze gastblog laat George Lengkeek zien hoe onderwijs en onderzoek in de praktijk kunnen worden verenigd. Jan Bransen bepleit om onderwijs en onderzoek als een twee-eenheid te zien en te praktiseren (zie zijn herblogde bijdrage van 26 april j.l.). Daar wil ik graag ‘van binnenuit’ bij aansluiten, door – vanuit mijn ervaringen – eerst te betogen dat er dan binnen de onderwijspraktijk ruimte nodig is om aan die twee-eenheid vorm te geven. Daarna zal ik aan de hand van een voorbeeld schetsen hoe binnen die ruimte methodologisch vorm gegeven kan worden aan de ook door mij gewenste twee-eenheid.

De coronacrisis is een enorme belasting voor het onderwijs dat het de laatste jaren al niet makkelijk had. Leraren, interne begeleiders en schoolleiders hebben in recordtijd alles uit de kast getrokken om de lessen zo goed mogelijk te laten doorgaan. Inspanningen die voor de toekomst – post-corona – een schat aan ervaringen en goede lessen kunnen opleveren. Lessen die niet alleen nuttig zijn in perioden waarin scholen geheel of gedeeltelijk gesloten zijn, maar die ook als reflectie dienen op het onderwijs als geheel. Wat is essentieel? Wat is niet nodig? Wat kan anders? Daarbij kun je denken aan de rol en de frequentie van toetsen, zelfstandig werken, samenwerken, de verhouding tussen kwalificatie, socialisatie en subjectificatie etc. Wij willen hier een beginnetje maken met de inventarisatie van die inspanningen en in het bijzonder de ervaringen die daarmee zijn opgedaan.

Op de website van het NIVOZ doen vier auteurs een oproep om te komen tot een nieuw discours over betekenisvolle onderwijswetenschap. De vraag is inderdaad ‘waartoe doen wij onderwijsonderzoek?’ stelt Jan Bransen op zijn blog janbransen.nl.Voor mij is het grootste probleem echter het bestaan van een geïsoleerde, onafhankelijke en zelfstandige onderzoekspraktijk. Zolang die praktijk blijft […]

Ook dit jaar vraag ik jullie, onze lezers, een (kleine) bijdrage in de kosten om dit blogcollectief in de lucht te houden. We zoeken geen sponsors of subsidie, zodat we onze onafhankelijkheid als kritische onderwijsbloggers kunnen behouden. De bijdrage wordt uitsluitend besteed om de kosten te dekken, niet voor urenvergoeding. Sinds we begonnen in 2012 […]

We leven in vreemde tijden. Ik ben niet de eerste die dit vaststelt. De coronacrisis heeft voor het onderwijs onverwachte gevolgen. Dankzij onvoorstelbare inspanningen van hun leraren hebben meer dan twee miljoen leerlingen, onderwijs op afstand dat in korte tijd uit de grond is gestampt en dat zo te zien heel redelijk functioneert. Dat vraagt […]

Op maandag 27 januari hield Hester IJsseling haar lectorale rede Bezield en bezielend onderwijs. Pedagogiek van onderbreking en verbinding aan de Thomas More Hogeschool in Rotterdam. Volgens IJsseling zijn bezieling en onderbreking onderdeel van leraar-zijn. ‘Juist in momenten van frictie zit ruimte waarin kinderen kunnen verschijnen en waarin je kinderen kunt ontmoeten.’ Met haar lectoraat wil IJsseling praktijken ontwikkelen om met leraren stil te staan bij wat er gebeurt als ze onderbroken worden. Ook wil ze hen aanmoedigen om meer vanuit het hart en vertrouwen te gaan werken.