Leraren, stijg boven je eigen belang uit!

De lerarenorganisaties die samen de Onderwijscoöperatie vormen, hebben hun steun aan de verdere uitwerking van het advies van het Platform Onderwijs2032 opgeschort. Leraren zouden nog onvoldoende zijn gehoord met het risico dezelfde fouten te maken als voorheen, namelijk het onderwijsvernieuwing, zonder inbreng en regie van leraren.

Met deze afwijzing lijkt het plots gelegitimeerd om het hele advies naar de prullenbak te verwijzen. Onder aanvoering van opiniemakers, die weinig ophebben met vernieuwing, wordt nu plotseling de indruk gewekt, dat Onderwijs2032 een grootschalige onderwijsvernieuwing zou zijn, waarmee alles met één grote beweging van bovenaf zal veranderen. En dan wordt al snel gezwaaid met het rapport-Dijsselbloem, dat concludeerde dat grootschalige vernieuwingen als het Studiehuis en de vmbo-hervorming mislukt zijn door gebrek aan betrokkenheid van leraren.

Toch is er een verschil tussen de vernieuwingen van 15-20 jaar geleden en het Platform Onderwijs2032. Naar mijn mening is het advies van het Platform namelijk geen hypothetisch wensdenken, maar een grondige en zorgvuldige documentering (op basis van een proces van een brede maatschappelijke consultatie van een jaar!) van recente onderwijsontwikkelingen. Die in gang zijn gezet door leraren zelf, in afstemming met leerlingen en ouders.

Zo zijn leraren nu, veel meer dan voorheen, bezig met het integreren van losse vakken, het aanleren van vaardigheden als plannen en samenwerken, en het zoeken naar mogelijkheden om leerlingen meer hun eigen route te laten kiezen. En ja, zelfs met persoonsvorming, hoewel ze dat zelf niet altijd zo zullen noemen.

Vmbo als casus

De ontwikkeling van het vmbo is hierbij exemplarisch: in niets lijken huidige vmbo-scholen nog op de LTS en de huishoudschool uit begin jaren ’90. Vooral in het eerste decennium van deze eeuw, eigenlijk precies in de periode dat het rapport-Dijsselbloem verscheen, hebben daar enorme veranderingen plaatsgevonden. In de onderbouw is daar veel werk gemaakt van vakkenintegratie, meer projectmatig werken en verbetering van de leerlingbegeleiding. In de bovenbouw is het ‘vmbo intersectoraal’ een van de grootste veranderingen sinds de invoering van het vmbo eind jaren ’90: vakkenintegratie pur sang.

Maar ook de bovenbouw van havo en vwo is veel veranderd: daar is sprake van projectonderwijs, doen leerlingen eigen onderzoek, wordt er volop geflexibiliseerd met vroege afsluiting van vakken en nieuwe richtingen als het technasium en het entreprenasium. Te doen alsof hier de vakkenstructuur van 150 jaar geleden nog de gouden standaard is ter voorbereiding op hoger onderwijs, is op z’n best naïef en op z’n slechtst pure demagogie.

Werk te doen

En tegelijkertijd is er nog ongelooflijk veel te doen. De motivatie van leerlingen is nog altijd een groot aandachtspunt; studenten van lerarenopleidingen zijn nog niet onverdeeld tevreden over hoe ze worden begeleid tot leraar; Passend onderwijs zorgt voor de uitdaging om, bij krimpende budgetten, op een nog grotere schaal in te kunnen spelen op verschillen in leerbehoefte van leerlingen; en meer dan een miljoen Nederlanders is functioneel analfabeet.

Om maar niets te zeggen over de vele leerlingen die zich op de een of andere manier niet thuisvoelen in het onderwijs, omdat ze thuis of op straat te maken hebben met heel andere waarden, en het in hun eentje niet voor elkaar krijgen die werelden op elkaar aan te laten sluiten.

Onderwijs2032 als kader

Zo gaat de ontwikkeling van het onderwijs gaat continu door. Alle betrokkenen hebben daarom een gezamenlijk belang en gezamenlijke verantwoordelijkheid, om die ontwikkelingen op een goede manier te begeleiden. Dat kan geen enkele partij alleen bepalen.

Want is onderwijs een afgeleide van de ontwikkelingen in de samenleving of is onderwijs ook een vormgever van de toekomstige samenleving? Wat is de onderliggende visie op leren en menselijke ontwikkeling? Op welke gebieden moeten we zoeken naar overeenstemming en waar mogen we verschillen? Dat zijn heel terechte, en heel belangrijke vragen, waar Onderwijs2032 een aanzet voor heeft gegeven.

En daarbij is het kader van Onderwijs2032 geeft, niet meer dan dat: een kader, dat nog veel ruimte geeft aan de eigen invulling, en de verantwoordelijkheid, van teams van leraren. In afstemming met leerlingen, ouders en de maatschappelijke omgeving.

Fundamenteel gesprek

Wat daarom nodig is, is een gezamenlijk en fundamenteel gesprek, over wat we met onderwijs beogen, waartoe onderwijs dient in onze samenleving. Dat gaat verder dan alleen de vraag of geschiedenis nog wel een apart vak moet blijven, of dat kleuters al Engels moeten krijgen. Het Platform Onderwijs2032 heeft de reikwijdte van zijn opdracht goed ingeschat, en getracht het gesprek op dat fundamentele niveau te brengen.

Met die poging merken we hoe veel verschillende meningen er zijn. Alleen al binnen de beroepsgroep leraren: een leraar die veel met kleuters werkt, heeft een andere opleiding gevolgd, en gebruikt een ander vocabulaire, dan de leraar wiskunde op het gymnasium. Een ouder in Stadskanaal maakt zich zorgen over andere zaken dan een ouder in Amsterdam-Oud Zuid, of op de Kop van Zuid in Rotterdam.

Om die meningsverschillen te overstijgen, is het nodig dat we met elkaar in gesprek blijven, en ons niet terugtrekken op eilandjes van gevestigde belangen. Want dan krijgen we meer van hetzelfde en houden we ieder individueel de problemen in stand, die we samen zouden moeten (en kunnen) oplossen.

About Hartger Wassink

Onderzoeker en adviseur De Professionele Dialoog. Medewerker NIVOZ Forum.

28 Reacties to “Leraren, stijg boven je eigen belang uit!”

  1. “Leraren zouden nog onvoldoende zijn gehoord met het risico dezelfde fouten te maken als voorheen, namelijk het onderwijsvernieuwing, zonder inbreng en regie van leraren.

    Met deze afwijzing lijkt het plots gelegitimeerd om het hele advies naar de prullenbak te verwijzen. ”

    Dat is een koppeling van feiten en eigen interpretatie die iets te veel aan drogreden bevat, Hartger.
    Nee hoor, er wordt helemaal niets naar de prullenbak verwezen, tenzij in columns. En ja hoor, achteraf moeten de meeste leraren alsnog gemobiliseerd worden om mee te doen. Sinds wanneer en door wie is het gelegitimeerd om iets aan te nemen zonder zelf na te denken? Niet door mij, ik wil graag aannemen dat het onderwijs dat ik verzorg goed is, altijd beter kan, maar dat ik daar zelf een grote rol in heb en vooral krijg.
    Het lijkt nu alsof ik onderdeel ben van het probleem dat door iemand anders is bedacht, terwijl ik datzelfde probleem wel ook voor die ander moet oplossen. Ik citeer graag Taleb uit zijn “Antifragile: things that gain from disorder”:

    “The chief ethical rule is the following: Thou shalt not have antifragility at the expense of the fragility of others.”

    Dus inderdaad tijd voor een goed gesprek. Een gesprek waarin we niet alleen constateren dat er altijd verandering zal zijn, dat het VMBO het LBO heeft vervangen, het VO, PO, BVE en HO sowieso behoorlijk is veranderd, maar ook tot in detail wat daar voor onderwijzen beter of slechter aan is. Dat dit bolkijkplan niet alleen gemakzuchtige bureaucratische kunstmatige piketstaketsels blijven in een verder organisch onderwijslandschap dat altijd vol prachtige risico’s zal zijn.

    Want ik kan zeer veel dingen opnoemen die niet goed zijn geweest, die nu weer worden genoemd, maar waarvan velen toen al wisten en reflecteerden dat ze niet goed zouden zijn, maar dat daar weinig van geleerd is.

    Like

    • Beste Patrick, dank je voor je reactie. Je leest in mijn stuk inderdaad een bepaalde felheid die ik doorgaans probeer te vermijden. Maar het zit me echt hoog.
      Ik vind Onderwijs2032 een mooie poging een breed maatschappelijk gesprek over onderwijs te voeren. Met alle bedenkingen die ik ook heb. En ook zie ik nog allerlei zaken die me niet bevallen in het eindadvies.
      Mijn zorg is, dat doordat de constituerende partijen die de Onderwijscoöperatie vormen nu de facto de regie over het proces overnemen (dialoog? Prima, maar in ons tempo en onder onze voorwaarden), het momentum (om dat woord maar eens te gebruiken) verdwijnt. Het brede proces dat in gang is gezet, versmalt tot een politiek discussie over hoeveel ruimte leraren eigenlijk krijgen. Andere partijen (ouders, bedrijfsleven, vervolgonderwijs, om een paar te noemen) staan langs de zijlijn en wachten af; totdat ze weer afhaken en ieder weer vanuit zijn eigen torentje standpunten de wereld in gaat zenden.

      Het is niet mijn bedoeling alle leraren over een kam te scheren hierin. Ik zie juist ongelooflijk veel leraren die bezig zijn met allerlei prachtige ontwikkelingen, die nu in de negatieve reacties op Onderwijs2032 belachelijk gemaakt worden. Inderdaad, het zijn columns (Ritsema in VN, Huygen in NRC o.a.) maar lees ook even de officiële reactie van BON, een van de invloedrijkste leden van de Onderwijscoöperatie.
      Waarom roeren die andere leraren, die met zulke mooie ontwikkelingen bezig zijn, zich niet? Ik heb gemeend hun een stem te geven, maar misschien moet ik me die rol niet aanmeten.

      Waar het mij echt om gaat, is het laatste stuk van mijn betoog: we hebben schreeuwend behoefte aan een fundamenteel debat, over wat onderwijs is. Hoe onderwijs en samenleving elkaar beïnvloeden. Hoe we de grote problemen waar de samenleving mee kampt, denken op te gaan lossen de komende decennia. Als lerarengroepen over een maand ofzo terugkomen met een fundamentele analyse daarop, dan zul je mij niet meer horen.

      Like

      • Dank Hartger, ik heb na aardig wat politiek conjuncturele topdown golven vooral de neiging om door te vragen. Ik vind het prima dat jij de stem vertegenwoordigt van de gewone goede docenten, maar ervaren zij wel een probleem? Volgens mij is een advies niet meer dan een advies en daar zit meteen het probleem zoals Arjen Lubach al liet zien.

        Want; voor welk enorm evident probleem dat schreeuwt on debat staan we nu anders dan “toen” het huidige ontstond, waarvan we nu zeker weten dat we het wel beter kunnen oplossen? Of hebben we toen te weinig nagedacht en te weinig platforms opgericht?
        Daarnaast vraag ik me af of dit 2032 initiatief wel voldoende ruimte voor het detail, het democratische en de kleine schaal bevat als dat er gesuggereerd wordt. Het pas laat mobiliseren van het uitvoerende veld is niet erg slim mijns inziens.
        En ik mis juist de systeemdiscussie. Bijvoorbeeld dat we echt een duurzaam en transitief verhaal mogen houden over waarom summatief cijfers geven zo ongelooflijk suboptimaal is voor leren en ontwikkeling. Dat topdown meesral slecht uitpakt, dat onderwijsgevers in een normale verdeling van didactisch presteren zitten en dat excellentie niet hetzelfde is als modaal. En dat die evidentie door mag werken in onze aanpak en uitvoering. Dat het systeem dus volledig op zijn kop moet (en dat -excusez les mots- die kop misschien een behoorlijk tijdje zijn muil houdt )

        En dan kom ik bij het belangrijkste: dat het belang van onderwijs niet gedekt wordt door een brede maatschappelijke discussie van een jaartje. Want dan geldt eigenlijk de bekende Einstein quote dat we een probleem niet oplossen met de denkwijze die het heeft veroorzaakt.

        Liked by 1 persoon

      • Hartger Wassink 20 maart 2016 bij 16:11

        Volgens mij zijn we het zeer eens. En voor leraren die willen is er nu al heel veel ruimte zoals reële vernieuwingen laten zien. Die hoeven niet te wachten op topdown, noch zullen zich daardoor laten beperken.

        Like

      • Dus we kunnen vaststellen dat iemand heeft bedacht dat we zeker weten dat er in de verre toekomst grotere problemen zijn dan vandaag of morgen. Vervolgens heeft hij de oplossingen bedacht met iedereen, behalve de mensen die de dagdagelijks bezig zijn met onderwijsuitvoering en die de bedachte oplossingen voor hem moeten uitvoeren. Dan haast hij zich te zeggen dat die uitvoerders wel probleemeigenaar en oplosser tegelijk mogen -nee moeten- zijn. En dan wordt het nóg vreemd gevonden dat dit advies niet omarmd wordt?

        Hebben we in het onderwijs echt niets belangrijkers te doen? vraag ik dan aan Paul Schnabel c.s.
        En laat ik eens bij gisteren en “heel simpel” beginnen: hebben ze een oplossing voor de belachelijke moreel verwerpelijke hoge burnoutcijfers in het onderwijs? Vanaf morgen?

        Like

      • Hartger Wassink 20 maart 2016 bij 21:49

        Hoi Patrick, dank weer voor je reactie. Volgens mij is Onderwijs2032 MET leraren bedacht. En ook andere groepen, maar leraren hebben alle ruimte gehad mee te denken en die ook genomen. Sommige leraren dan misschien. En nee, we hebben in het onderwijs niets belangrijkers te doen dan voortdurend na te denken en te praten hoe we er nu de samenleving van morgen mee kunnen vormgeven. Tot slot: zou een andere opzet van het onderwijs ook kunnen helpen bij het verlagen van de burnout? En zou het niet geweldig zijn als leraren daar zelf voorstellen voor mogen doen en uitwerken? Daar ligt de kans en de uitnodiging.

        Like

      • Dank Hartger,
        Je bedoelt dat vandaag minder belangrijk is dan morgen? En dat maatschappelijk glazen bolkijken bewezen effectief is?
        Gaan we dit wensenlijstje ook opstellen voor de gezondheidszorg, de politie, het publieke bestuur, de overheid of justitie?

        Als ik dan een voorstel mag doen: leg het geheel langs de meetlat van het rapport Dijsselbloem. Dat voorstel is door de politiek al verworpen.
        Waarmee zoiets basaals als de middelen niet ter discussie mag staan.

        Like

  2. Juist omdat onderwijs leerlingen moet voorbereiden op de toekomst vind ik het niet consistent dat leerlingen moeten leren (bladzijde 22) ‘over de grenzen heen te kijken’, maar dat vervolgens Frans en Duits uit het kerncurriculum worden gehaald en zelfs een vwo-er deze vakken uitsluitend als onderdeel van het domein Taal&Cultuur krijgt voorgeschoteld (bladzijde 52). Waar in ons omringende landen de Europese ambitie om meer vreemde talen dan alleen Engels te beheersen steeds meer wordt waargemaakt, worden vreemde talen bij ons steeds meer het kind dat met het badwater wordt weggegooid. De roep om concreet te maken wàt leerlingen dan moeten leren onderschrijf ik wel. Laat alle leerlingen deelnemen aan de officiële taalexamens (Cambridge, DELF en Goethe) die volgens de nauwkeurig omschreven ERK-criteria worden afgenomen en laat het aan de leraar over hoe zijn leerlingen dat vereiste niveau bereiken.

    Ik heb nooit het gevoel gehad (en mijn leerlingen gelukkig ook niet) dat ik als vakleerkracht Frans ‘op een eilandje leefde’ en dat mijn lessen niet hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van vakoverstijgende vaardigheden. Vergeet niet dat de vakleraren van nu indertijd zelf breed zijn opgeleid en dus met hun collega’s van andere vakken met kennis van zaken hun leerstof kunnen afstemmen.

    De ruimte die PlatformOnderwijs2032 wil bieden aan scholen brengt het gevaar van ongelijkwaardigheid van diploma’s met zich mee. Zoals een studente het onlangs in een debat verwoordde: ‘Ik ben blij dat ik de door mij gevolgde vakken op hetzelfde niveau beheers als mijn medestudenten. Anders zou ik op de universiteit in de problemen zijn gekomen.’

    Like

  3. Allereerst, de uitspraak: “Wat daarom nodig is, is een gezamenlijk en fundamenteel gesprek, over wat we met onderwijs beogen, waartoe onderwijs dient in onze samenleving” is me uit het hart gegrepen. (zie ook http://aowiskunde.blogspot.nl/2016/03/onderwijs2032-dat-gaat-zo-te-snel.html )
    Maar de framinkjes waarmee het ontbrekende draagvlak wordt aangepakt niet zozeer.
    Ik had gedacht dat dat de volgende fase in het proces Onderwijs2032 zou worden: de docenten, de scholen zelf, gaan aan de slag met het advies dat nu ter tafel ligt en zoeken naar de beste manier om er handen en voeten aan te geven. Dit rapport zal dan inderdaad dienen als kader, zoals je in de betreffende alinea noemt.
    Maar de benoeming van dat Ontwerpteam2032 om nu al te komen tot een concreet ontwerp van een nieuw curriculum waarin o.a. het onderwijs niet per vakgebied, onderwijssector of schoolsoort, maar in samenhang zal plaatsvinden, waardoor een aantal vakken zullen verdwijnen in z.g. kennisdomeinen, leek me een stap te snel.
    Ik denk dat nu eerst de docenten zelf aan het woord zouden moeten komen.
    Naar mijn mening is het advies van het Platform namelijk ook mede gebaseerd op wensdenken. Ik vind dat de docenten die die onderwijsontwikkelingen in gang hebben gezet welke gedocumenteerd zijn door Schnabel c.s. ook de expertise hebben om mee te denken en te wijzen hoe het verder moet en daarbij de concrete mogelijkheden kunnen scheiden van eventueel wensdenken.
    Ik kan over het VMBO niet meepraten, maar er kwam bij de voorbeelden uit havo en vwo de vraag op m’n lippen of die mooie zaken die je daar noemt ook te kwantificeren zijn. In hoeveel gevallen zijn die veranderingen die je expliciet noemt aan de orde? Niet dat er niets zou zijn veranderd, de (vernieuwde) Tweede Fase heeft veel nieuwe mogelijkheden binnen de school gebracht die zijn benut, maar de mate waarin verschilt denk ik nogal. En dat is niet alleen conservatisme, maar ook vanuit een onderwijskundige visie. En die gouden standaard van 150 jaar geleden, dat haalt je de koekoek.
    Het is gewoon een feit dat veel scholen en docenten de publieke rondvraag over Onderwijs2032 aan zich voorbij lieten gaan en dat het verschijnen van het Advies ook niet erg geland is op veel plaatsen. Dan kan er domweg ook niet van draagvlak gesproken worden.
    Wil het verdere proces breed gedragen en goed uitgewerkt worden dan zal het dus nodig zijn om alsnog de breedte van het onderwijs, de docenten, de scholleiders, er bij te betrekken, erover te polsen en ermee te debatteren. Daarbij zullen de adviezen van Schnabel c.s. naar mijn mening niet als in beton gegoten premisses maar als mogelijkheden, denkrichtingen moeten gelden en zou het moeten kunnen dat het ene wel en het andere niet realiseerbaar blijkt of gerealiseerd zal worden.
    Dat de Onderwijscoöperatie eerst haar steun gaf en toen weer introk is in beide gevallen niet gebaseerd op wat er al dan niet in de achterban leeft. Dat is men niet nagegaan. Ga dat nu eerst eens peilen, bespreek de zaken eerst in de scholen! Is jouw column daar op gebaseerd, eigenlijk?
    Ik hoor niet veel stemmen om het rapport nu dan maar meteen af te schieten (behalve van de usual suspects), net zo min als ik stemmen hoor om de zaken nu maar meteen helemaal zo te regelen zoals Schnabel c.s. voor ogen staat.
    Ik denk dat geldt dat niet alleen docenten maar evenzo de commissie Schnabel, en ook staatsecretaris Dekker, over het eigenbelang dan wel eindadvies moet kunnen heenstappen en ik denk zeker ook dat het docenten niet gaat om het eigenbelang maar om het belang van het onderwijs omdat daar in de loop van vele jaren al zo veel aan getornd is, in allerlei opzichten.

    Like

    • Hoi Erik, dank voor je reactie, het lukt me helaas niet de reactie goed te keuren. Er is iets mis bij WordPress

      Like

    • En een inhoudelijke reactie: lees dit nou eens:
      http://onsonderwijs2032.nl/wp-content/uploads/2016/01/Kamerbrief.pdf

      Welke in beton gegoten premissen staan daar in? En hoe willen Schnabel cs de zaken regelen? Volgens mij staat daar in ,dat er een ontwerpteam komt, waarin leraren een zware stem krijgen, en wat ertoe moet leiden dat scholen veel ruimte in de uitwerking krijgen.
      En ik kom veel in scholen, spreek regelmatig leraren, schoolleiders, bestuurders. De meeste die ik spreek, denken na over onderwijs, of geven daar al vorm aan, volgens de lijnen die Onderwijs2032 voorstelt: nadruk op persoonlijke ontwikkeling, vakoverstijgend werken, flexibilisering om problemen met verantwoordelijkheid en motivatie van leerlingen te tackelen. Daar is mijn betoog op gebaseerd. Dat zijn vaak overigens po, vmbo en mbo-leraren. Dat zijn volgens mij niet de leraren die zich nu roeren als tegenstanders van Onderwijs2032.
      En je schrijft: scholen en leraren lieten de publieke rondvraag aan zich voorbijgaan. Tja. En nu zitten ze met de gebakken peren, en al die mensen die wel intensief hebben meegedacht, gepraat en geschreven hebben daar nu last van. Welke verantwoordelijkheid nemen die scholen en leraren daarvoor?

      Like

    • Maar @Hartger, als ik de kamerbrief lees dan denk ik vooral: is dit echt alles?
      Wat je nodig hebt is een manifest waarin je opschrijft dat er langjarig over alle voortschrijdende kabinetten wordt geïnvesteerd in docenten. Tegelijk moet je iets bedenken waarmee je als politiek je vertrouwen in het uitvoerende veld terugvindt. Want daar gaat het meest fout; steeds meer opeisen en controleren voor minder ruimte en middelen werkt niet.
      En dat begint bij aanpassen van de titel van dit stuk. Volgens mij betekent de keuze voor docentschap dat je voor een beroep kiest waarin je zeker bent dat je eigen belang regelmatig met voeten getreden zal worden. Zoals ook onderwijs 2032 . Er zijn immers belangrijker concrete zaken buiten speculeren op een ongewisse toekomst.

      Like

      • Hartger Wassink 21 maart 2016 bij 07:17

        Dan zou ik nog liever over leerlingbelang spreken dan over docentenbelang. Dat is de reden dat ik de titel heb gekozen: er zijn tienduizenden leerlingen die nu dagelijks tekort gedaan worden. Zij zij de toekomst, en die begint nu. Dat is wat mij drijft.

        Liked by 1 persoon

    • Misschien zijn al die docenten dan niet de juiste personen, Hartger. Je suggereert dat het een zonder het ander kan. Ik zou zeggen doe het dan zonder types zoals ik, wat let je, ik zal je niet tegenhouden.
      Ik vraag me nu al inmiddels 15 jaar af waarom veel machtsmensen het onderwijs zo uniek gebruiken als plek waar je echt alles kunt dumpen,onzin kunt opleggen, mensen kunt beledigen en ziek maken en toch verrast kunt zijn door de kloof en het wantrouwen dat daardoor bij uitvoerenden ontstaat. Terwijl het eigenlijk niet goed uitpakt.

      Ik ben dus niet overtuigd van nut en noodzaak van het Schnabeladvies. Ik buig me liever over zaken die nu spelen. Zoals de slechte doorstroom van jongens en motivatie in het algemeen, het cijferfetisjisme, docenttekorten, metacognitieve feedback, het vaak slechte onderwijswerkgeverschap, arbitraire bekwaamheid in beslissende gremia etc.

      Like

      • Hartger Wassink 21 maart 2016 bij 07:55

        Met permissie: nu trek je je weer terug (‘doe het dan zonder types zoals ik). Terwijl ik juist ervoor pleit samen die problemen die jij op het eind noemt, te bespreken. Dat is volgens mij ook wat Schnabel cs beogen. Het blijft me verwonderen waarom dat zo vijandig wordt opgevat. We moeten dit samen doen.

        Like

    • Nee hoor Hartger, ik werk al 15 jaar elke dag met ziel en zaligheid aan de toekomst van mijn studenten. Ik heb Schnabel niet nodig om mezelf of het onderwijs uit te vinden. Als docenten echt belangrijk zijn voor het onderwijs dan zal dat blijken. Niet omdat naar ze geluisterd zal worden -waarom zou je- maar omdat je niet zonder ze kunt. Zolang ik gedwongen wordt teveel van mijn energie nog te moeten steken in het bewijzen dat ik een goed docent ben, ben ik liever wijs. Het Schnabeladvies is geen verrijking voor wat ik belangrijk acht in mijn dagelijks werk. En ik sta daarin blijkbaar niet alleen.
      Krabt iemand zich al achter de oren?

      Like

  4. “En je schrijft: scholen en leraren lieten de publieke rondvraag aan zich voorbijgaan. Tja. En nu zitten ze met de gebakken peren, en al die mensen die wel intensief hebben meegedacht, gepraat en geschreven hebben daar nu last van. Welke verantwoordelijkheid nemen die scholen en leraren daarvoor?”
    Ik denk dat het overgrote deel van de leraren het speeltje van Dekker niet serieus nemen en denken dat het wel weer overwaait als je het laat voor wat het is. Die leraren hebben gelijk, de commissie Schnabel was niet bepaald een lerarencommissie die op enige representativiteit kon bogen.
    En ik zie bij jou Hartger ook geen enkel besef van wat onderwijs nodig heeft. Alleen al de bewering dat leraren in de bovenbouw al zoveel met projecten bezig zijn en daaraan (dan volgen mijn woorden) hun vak zouden opofferen, is potsierlijk.
    In mijn functies van halve week leraar en halve week vakdidacticus heb ik op de Universiteit noodgedwongen geïntegreerde vakken-experimenten begeleid. Het leek nergens op. Leerlingen zullen eerst een vak op grote hoogte moeten doorgronden, willen ze ooit zinvolle combinaties kunnen maken.
    Ik denk dat je pogingen om 2032 te redden tevergeefs zullen zijn. Het onderwijsveld is verstandig genoeg om dit gedoe van buitenaf langs zich af te laten glijden. Het kan zijn tijd wel beter gebruiken. Want er zijn belangrijker zaken urgent en die betreffen de uitwerking van de vakken, meer plaats voor vakdidactici, minder modieus onderwijskundig gedoe.

    Like

  5. Ik denk dat veel leraren, waaronder ikzelf, het schnabeladvies niet afwijzen uit eigenbelang, maar juist integendeel, dat doen vanuit oprechte zorg voor de kinderen, hun toekomst, en de samenleving. Beweren dat leerkrachten het schnabeladvies afwijzen uit eigenbelang en dat als titel boven je stukje zetten vind ik tendentieus en beledigend. Bah.

    Like

    • Dank je voor je reactie Alois. Als ik mag vragen, hoe weten we dan of het huidige curriculum het leerlingbelang het beste dient? Welke onderbouwing hebben we daarvoor? Oprechte vraag, ik zoek naar gezamenlijke uitgangspunten.

      Like

      • @Hartger je kunt het ook anders benaderen, meer divergerend: hoe kunnen we het huidige curriculum en onderwijs zo aanpassen dat anomaliën bestreden worden en het leerlingbelang beter gediend wordt? Waarmee je misschien wl niet uitkomt bij een curiculumhervorming.

        Want de suggestie ontstaat dat we dat alleen kunnen door een doemerig toekomstscenario. Pas op, de robots komen eraan, het onderwijs deugt niet.

        Volgens mij begínt verbetering bij decentrale ruimte, discussieen voldoende middelen. Een kanteling van wat nu gebeurt daar is het decentrale het eindstation waar door anderen bedachte oplossingen terecht komen als problemen die niet altijd en door iedereen als probleem ervaren worden.

        Like

      • Hartger Wassink 22 maart 2016 bij 13:46

        @Patrick Dat zijn we eens. Nog sterker: de meeste onderwijsontwikkeling (vernieuwing) vindt plaats ondanks beleid en ondanks onderzoek. Beleid en onderzoek zijn altijd volgend, omdat onderwijs nu eenmaal een praktijk is. Dus eerst is er de ervaring van wat nodig is en wat werkt in de praktijk, dat wordt vormgegeven (door leraren samen met hun leerlingen), en dan kun je er pas een kader aan geven of het onderzoeken.
        Wat ik zie dat Onderwijs2032 doet, is het samenbrengen van een scala aan recente ontwikkelingen en inzichten, en hiervoor een nieuw raamwerk vaststellen. Waarmee leraren in hun praktijk weer aan de gang kunnen; er ‘invulling’ aan kunnen geven.
        Het mooie van Onderwijs2032 vind ik dat een aantal reële problemen die nu ervaren worden, op een zorgvuldige wijze geduid worden. Het geeft mogelijkheden om daar opnieuw naar te kijken en tot nieuwe vormen van onderwijs te komen.
        De problemen die Onderwijs2032 beschrijft (oa toetsdruk, te smalle doelstellingen, mismatch vakinhoud en veranderingen in de wereld) worden misschien niet door alle leraren ervaren. Maar wel door een deel van de leraren, en zeker door leerlingen, hun ouders, vervolgonderwijs en bedrijfsleven. Dan is de vraag hoe we daar samen uitkomen. Dat proces van samen, dat is Onderwijs2032. Als leraren daar nu uitstappen, houdt dat proces van samen op. Dat vind ik jammer. De problemen blijven dan voorlopig liggen.

        Like

      • Dank Hartger,
        Gelukkig stappen we er nooit echt uit. Ik blijf toch stug benoemen dat de systeemfouten niet ter discussie staan. Waar conservatieve macht van enkelen steeds weer vervelend uitpakt voor velen.
        Waar rapporten zoals die van Dijsselbloem niet toevallig worden genegeerd en altijd genegeerd zullen blijven.
        Waar het denken in louter kwalificatie, een beetje socialisatie en als goedmakertje nog wat bildung en persoonsvorming voor dominante bepalers zoals Sander Dekker het belangrijkste publieke geheim blijft.
        En waar dat wat best goed gaat, moet veranderen en dat wat echt moet veranderen, gevrijwaard blijft.

        Waarme allerminst vast staat dat de benoemde problemen ook opgelost gaan worden. Waarom leren we niet van het idee dat grootschalig abstract denken zelden tot de beste concrete oplossingen leidt? Want er zit toch ook weer een soort wantrouwen achter. Als we het niet van bovenaf en centraal bepalen en als richting stevig vastleggen, dan gebeurt er niets. Waarom schaffen we niet meteen de lokale besturing af dan? Voor mij had je slechts de beperkingen van het systeem moeten analyseren, waaroor de discussie levendig gevoerd kan worden in het decentrale domein. Niet een jaartje, maar voortdurend duurzaam. Dat is mijns inziens pas echte vooruitgang die toekomstbestendig is.

        Like

  6. Wat betreft de in beton gegoten premissen, ik las in de instellingsbrief van het Ontwerpteam2032: “Anders dan voorheen zal deze curriculumvernieuwing namelijk niet per vakgebied, onderwijssector of schoolsoort, maar in samenhang plaatsvinden” en toen kreeg ik sterk het idee dat het hier al niet meer ging òf er een aantal vakken zullen verdwijnen in z.g. kennisdomeinen, maar dàt het dus ook echt gaat gebeuren. Dit en ook het hele stuk waar je naar verwees, en een vertaling naar de Kamer is van het Advies Onderwijs2032, bevat voor mij een woud van piketpaaltjes die de koers voor het verdere proces al grotendeels bepalen.
    Het z.g. brede maatschappelijke dialoog dat plaatsvond, waarna het platform een afrondend advies opstelde, is volgens mij met name gevoerd of gevoed door mensen die in het licht van de vaagstellingen wat te berde hadden te brengen, die het “leuk” vonden om erop te reageren of over mee te praten. Dat is niet altijd in de positieve zin geweest die het advies uiteindelijk ademde en zeker kan gesteld worden dat de inbreng een zeer breed terrein heeft beslagen en alle kanten opging. Aan de andere kant, niet alleen een aantal scholen en leraren lieten deze ronde aan zich voorbij gaan, ik denk ook de nodige maatschappelijke organisaties en delen van het bedrijfsleven. Domweg omdat de vraagstellingen hen niet aanspraken, misschien. De start van dat dialoog zelf heeft trouwens al voldoende commentaar opgeleverd.
    Prachtig, al die mensen die wel meedachten, meegepraat hebben en meegeschreven, die zaten natuurlijk ook niet allemaal op één lijn en zij konden vooraf natuurlijk nooit weten wat de grote diversiteit en kwaliteit aan inbreng uiteindelijk als advies zou opleveren. Ik kan me niet voorstellen dat ze nu dan zo’n last hebben van de verschillende en tegengestelde reacties op het advies, hooguit diegenen die hun inbreng terug zien en beloond zagen.
    We zouden echt met de gebakken peren zitten, en eigenlijk lijkt dat al het geval, als het advies meteen al een voorstel of zelfs bijna een besluit is, zoals lijkt bij de instelling van het Ontwerpteam2032 en de kamerbrief ergens ook wel doet vermoeden.
    Ik denk dat nu de fase juist gekomen is dat de scholen en docenten ingeschakeld worden om hun verantwoordelijkheid te nemen ten aanzien van wat er nu geadviseerd, en niet meer dan dat, is en eraan mee te werken om dat voor zover zinvol, mogelijk, uitvoerbaar en dienstbaar is, uit te werken en in praktijk te brengen. Het zijn de professionals, de experts die nu hun oordeel moeten geven over wat er wel moet of niet kan (niet in de zin van dàt maar van òf, dus).
    Ja ik weet het, een groot aantal leraren en scholen is al bezig met curriculumvernieuwing en brengt de visie van het platform volop in de praktijk en vele leraren en scholen hebben aangegeven een bijdrage te willen leveren aan het ontwerpproces. Dat klinkt prachtig, maar dat zegt zeker niet dat ze allemaal op één lijn zitten en er in alle opzichten net zo over denken als het gegeven advies.
    Maar goed, we moeten maar hopen dan, dat inderdaad maatschappelijke organisaties, het bedrijfsleven, lerarenopleidingen, het vervolgonderwijs en vele leraren en scholen (waarom trouwens zij in de laatste plaats?) in het vervolgproces – bijvoorbeeld in de leerlabs – zullen worden betrokken. Al klinkt betrekken mij wat te beperkt en leerlabs mij te klinisch.
    Ik hoop daarbij inderdaad dat scholen veel ruimte krijgen in de uitwerking. Maar vooraf denk ik dat het advies zelf eerst de scholen door moet om het te toetsen op haalbaarheid en draagvlak en dat eventueel piketpaaltjes nog kunnen en mogen worden verzet. Om dat draagvlak ging het in veel discussies momenteel en het feit dat dit aspect ineens zo’n levendige discussie oplevert maakt al duidelijk dat het daarmee nog niet goed zit.

    Like

  7. Wat ik zo griezelig vind aan dit hele project is dat er geloofsartikelen in meespelen die door de gelovigen zelf niet worden onderkend. Ik citeer Hartger Wassink uit zijn bijdrage hierboven: “Wat ik zie dat Onderwijs2032 doet, is het samenbrengen van een scala aan recente ontwikkelingen en inzichten, en hiervoor een nieuw raamwerk vaststellen.” Wat is dat voor een “scala”? Het project dat je verdedigt, Hartger, lijkt misschien aan alle kanten ingedekt tegen kritiek. Zo ben ik zelf groot voorstander van het samen nadenken en vormgeven van leerplaninhouden. Zie mijn voorstellen voor een canon. Maar wat is in godsnaam een leerplaninhoud “die zich op de toekomst voorbereidt”? Wat een griezelige ideologische houding geef je jezelf als leraar mee als je je leerling een Toekomst voorhoudt waar zij zich op zou moeten richten en zich in dienst van zou moeten stellen. Want wees nou eerlijk, Hartger, daar gaat dat “scala aan recente ontwikkelingen en inzichten” toch over? Alles gaat toch volgens iedereen veranderen en daar moeten we toch allemaal in mee?

    Is dit een ideaal, een ideologie of een geloof dat je onderwijzend Nederland wil voorhouden? Niemand kent immers de Toekomst. Maar o wee, Hij komt! Haast u, weest voorbereid! Voor u het weet bent u te laat! Leer vast kennismaken met de Grote Onbekende. Jazeker, later als je groot bent zal je je brood moeten verdienen met ict technieken. Maar dat lijkt zo meer op een smoes om je geloof in een Toekomst te rechtvaardigen dan op een realistische afweging van de basisvaardigheden van deelname een deze maatschappij. Want die liggen niet alleen veel meer in het alfa- dan in het bètadomein, de taal als toegangspoort tot alles, inclusief rekenen en wiskunde, ict technologie, die basisvaardigheden – met de taal voorop – zijn ook nog eens geworteld in denkwijzen en wereldbeelden, in verhalen. Maar daar heeft de Toekomstideologie een broertje aan dood, dat zijn alleen maar hindernissen. Met hulp van Homerus bouw je nou eenmaal geen bruggen, zoals men in de 19e eeuw al zei. Men vergat daarbij dat wanneer die bruggen instorten we ineens bij onze voorouders de hulp aan moeten roepen voor hoe wij mensen met een crisis moeten omgaan.

    Er schuilt een cultureel bepaalde vooruitgangsideologie in de uitkomsten van Onderwijs2032. Die verzet zich tegen een duurzamere voorbereiding op een toekomst die even onbekend is als hij altijd is geweest. Taalvaardigheid ontwikkelen bij kinderen van waaruit elke specialisatie mogelijk en door grote voorgangers geïnspireerd is, is dan geboden. Wat inhoudt te moeten kennismaken, meer als groep dan door zelfstandig onderzoek, met namen, woorden en betekenissen via een zo breed mogelijk gedragen “scala aan betekenissen”. Die fundamenteel verschillen van het scala dat jij noemt. Dat “vakken” daarbij van belang zijn en “projecten” en “vak overstijgingen” daarbij in de schaduw staan moesten we nog maar even voor lief nemen. Als de Toekomst ons dat tenminste wil vergeven …

    Like

  8. Sorry trouwens voor de laatheid van mijn reactie: ik lag ziek te wezen.

    Like

  9. Beste Guido, dank voor je reactie. Ik denk dat je veel meer in mijn stuk leest, dan erin staat. Ik vind mezelf geen toekomstideoloog en ik doe iets fout als ik die indruk wel wek. Als je al over de toekomst kunt praten, dan begint die nu, in hoe we nu met elkaar omgaan: leraren, ouders en leerlingen. Naar mijn idee zien we daarin nu van alles over het hoofd, waardoor kinderen zich minder goed ontwikkelen dan zou kunnen. Het brede scala aan ontwikkelingen wat ik zie, zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen in de onderbouw van vmbo, die de afgelopen 10-20 veel pedagogischer gericht zijn geworden. En het opbouwen van zelfstandig werken in PO, dat steeds vaker heel ingenieus in elkaar steekt. Of expliciete nadruk op persoonlijke vorming van leerlingen, die in de knoop komen met alle verschillende werelden waar ze zich in bewegen (thuis, straat, school). Dat zijn mooie ontwikkelingen, en is dagelijkse realiteit. Dan vind ik het raar om nu te zeggen dat Onderwijs2032 de plank misslaat, als heel veel scholen al lang met aspecten daaruit bezig zijn.

    Like

Geef een reactie of deel je eigen ervaringen. Graag met je eigen naam ondertekenen, geen pseudoniemen. Anonieme reacties worden verwijderd.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: