Het is wellicht vooral een discussie voor mensen die praten over onderwijs, en minder voor mensen die druk bezig zijn met onderwijs zelf, maar ik merk de voorbije tijd opvallende veranderingen in het denken over onderwijs.

Er was de reeks in het NRC over het belang van instructie en les geven, die op zich niet noodzakelijk de verandering toonde, maar ik zag het wel in de reactie van Hartger Wassink en Claire Boonstra op de reeks. In hun stuk erkenden ze het belang van instructie en onderwijs, en eerlijk: ik zag een maand eerder nog Claire aan het werk met een zaal leerkrachten en veel kan veranderen op een maand tijd. Ook bij Vlaamse denkers die tot voor kort nog behoorlijk sociaal-constructivistisch pleitten, merk ik een beweging naar meer leerkracht-geleid onderwijs. Dit wordt deels ingegeven door slechtere resultaten zoals PIRLS, maar ook door wetenschappelijke inzichten die op beperkingen van bepaalde zienswijzes tonen.

Maar het gaat niet enkel over de tegenstelling constructivisme tegenover een meer evidence-based of een meer cognitivistische aanpak. Gisteren werd een opinie van Nele De Saeger in De Standaard massaal gedeeld in mijn tijdlijn. In het stuk stelde ze dat ze het wel gehad heeft met de obsessie met vaardigheden. Dirk Van Damme deelde het stuk ook en zijn commentaar was duidelijk in het licht van de komende discussies over eindtermen:

Het zijn maar enkele eerder anekdotische voorbeelden, maar ik kan nog een tijdje verder gaan met voorbeelden die ik de voorbije maanden opmerkte.

Nu zijn er verschillende scenario’s mogelijk. Het zou kunnen dat we in een stellingenoorlog terechtkomen zoals we onder andere in Nederland ken(d)(n)en rond realistisch rekenonderwijs of zoals we vandaag in de Angelsaksische wereld kennen rond de tegenstelling progressief-conservatief waar er ook nog een expliciete politiek connotatie bijgevoegd wordt. Ik vermoed – al kan het ingegeven zijn door naïeve hoop – dat we echter meer naar een middenpositie evolueren waarbij het beste van alle mogelijke werelden samen kan komen. Het is het verschil tussen collectief voortschrijdend inzicht en een slingerbeweging waarbij het dan te hopen is dat we niet massaal beginnen doorslaan naar de andere kant.

Join the conversation! 5 Comments

  1. Jongeren hebben thuis en elders vaak al vroeg ervaring opgedaan met technologie & media. De een heeft meer opgestoken dan de ander. Uit onderzoek blijkt dat jongeren ICT basisvaardigheden niet op school aanleren. Wat mij verbaast is dat het onderwijs in, bijv. de brugklas van de middelbare school, leerlingen niet van elkaars ervaringen gebruik laat maken. Dus is mijn voorstel: laat de school ook de ruimte en de tijd bieden waar leerlingen elkaar leren op het gebied van digitale vaardigheden. Dat kan prima – onder professionele begeleiding – tijdens een uur dat anders uitgevallen was. Ook later in hun schoolcarriere kunnen leerling de benodigde vaardigheden van elkaar leren. Hier wat voorbeelden uit mijn dagelijkse praktijk als mediathecaris (en laat u niet afschrikken door de term 21ste eeuwse vaardigheden): https://www.mediawijzer.net/de-netwerkmaatschappij-deel-3-ideeen-voor-21ste-eeuwse-vaardigheden-en-digitale-geletterdheid/

    Reply
  2. Hallo Pedro
    Ik weet niet goed hoe ik op je stuk moet reageren, omdat ik niet begrijp waar je heen wilt. Misschien kun je dat wat uitgebreider uitwerken in een volgend stuk.
    Ik zie zeker ook verandering in het onderwijs, namelijk een grotere invloed van onderwijspedagogiek, in navolging van denkers als Biesta, Pols en Berdink en anderen. Dat is waar Hartger en Claire ook over schrijven: de pedagogische opdracht van het onderwijs met doelen die niet of maar beperkt meetbaar zijn. Daarmee komen we ook aan de grenzen van het empirische onderwijsonderzoek en vandaar mijn pleidooi voor narratief-etnografisch onderzoek https://onderzoekonderwijs.net/2017/12/09/wat-hebben-we-aan-onderwijsonderzoek/ (voor alle zekerheid en nogmaals: niet in plaats van, maar naast het bestaande onderzoek).
    Misschien is dat wat je bedoelt, maar omdat ik, eerlijk gezegd, nooit precies weet wat in onderwijskundige kringen bedoeld wordt met sociaal-constructivisme en hoe zich dat naar de klas vertaalt, begrijp ik je argument niet.
    Ik kijk uit naar je volgende stuk
    Dick

    Reply
  3. Beste Pedro,

    Interessant om te zien dat je titel ook precies het omgekeerde kan veronderstellen. Ik heb me persoonlijk de afgelopen jaren namelijk best geergerd aan artikelen die met veel kabaal suggereren dat effectieve instructie het einde van alle tegenspraak is en dat we terug moeten naar traditioneel rekenonderwijs. Dit vind ik wel een helder artikel in dat verband: https://duurzaamonderwijs.com/2018/01/18/ouderwets-onderwijs-blijkt-het-beste-of-hoe-kort-door-de-bocht-kan-je-nog-gaan/

    En nu zie ik de laatste tijd mooie genuanceerde stukken verschijnen die duidelijk maken dat de wereld niet zo zwart-wit is en dat het nogal van je onderwijsdoel afhangt welk didactisch middel je wanneer inzet. En dat het niet persé noodzakelijk is om het rekenonderwijs te polemiseren, maar dat het huidige rekenonderwijs het beste is van twee werelden. Dit artikel geeft daar duidelijk inzicht in: https://wij-leren.nl/effectief-rekenonderwijs-op-de-basisschool.php

    Ook Claire en Hartger breken een lans voor meer nadenken vanuit je doel van onderwijs en daar passende didactische en pedagogisch middelen bij zoeken.

    Je kunt namelijk pas over de effectiviteit van je onderwijs gaan spreken als je het eens bent over het doel van onderwijs.

    Reply
  4. In plaats van het over structuralisme te hebben lijkt het mij handiger de termen te gebruiken die zoveel roet in het water hebben gegooid in pedagogenland. Al was het alleen maar omdat zij, “skills” en “competences” , zoveel toegankelijker zijn. Met de onderwijskundige focus (Claire Boonstra weet daar alles van) op prestatie en rendement. Hè, wat, rendement? Ja, in een land als het onze dat zichzelf een bedrijf noemt onderwerpt zijn onderwijs zich daar probleemloos aan. Waarom zo ingewikkeld doen als de herkomst van dat vaardighedenonderwijs zo helder is? Dat stamt uit het bedrijfsleven in de VS en is vervolgens aangepast vooronderwijsdoeleinden. Het opdelen van gehelen in hapklare onderdelen is daar het Leitmotif. Duik even in het bedrijfsjargon van het Competency based learning en vergeet het quasi-filosofische discours dat met een term als structuralisme wordt gesuggereerd: https://en.wikipedia.org/wiki/Competency-based_learning .

    Reply
  5. PS. Dezelfde observaties omtrent veranderende visies was mij ook opgevallen, Pedro. Dus dank daarvoor. Zeg liever gewoon eerlijk, ik zat ernaast en begraaf de strijdbijl die ik sinds de vaardighedenhype ben rond gaan zwaaien. Het ‘van beide wat’ dat we nu te horen krijgen is toch een schijnvertoning?

    Reply

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Category

onderwijs