Onderzoeksconferentie Kennisnet / NRO 2016

KennisnetKennisnet.jpgTijdens de onderzoeksconferentie van Kennisnet en NRO is getracht een vlootschouw te geven rond het ICT gebruik in het onderwijs. Ondertitel was “Wat werkt werkt wel, wat werkt niet”. Na een dag ondergedompeld in rapportages van onderzoek, poging tot reflectie en grote lijn. Eerst de positieve uitspringers, de afsluiting is een suggestie voor het vervolg. Gegarandeerd subjectief, dat wel.

Er komen er voor mij drie opbrengsten naar boven die haasje-over springen wat betreft volgorde:

De opbrengsten

Go-Lab

Go-Lab is een digitale leeromgeving voor de exacte vakken waarin leerlingen digitaal proefjes kunnen doen. Als vervanging van een practicum dat normaal op school gedaan wordt, maar ook als toevoeging. Zo heeft CERN ook een practicum en hoe leerzaam is het om daarmee een simulatie te kunnen doen.

Het mooie is dat het een open omgeving is: docenten kunnen zelf practica toevoegen. Het risico is dan eerder dat er zoveel kan en beschikbaar is, dat je door de bomen het bos niet meer ziet, dan dat wat nagestreefd wordt, niet kan.

In de presentatie van Ton de Jong (UTwente), werd het belang van een goede didactische inbedding onderstreept. Zonder dat, geen leren.

Go-Lab is een voorbeeld van één van de beloftes van ICT in het onderwijs. Tijdens mijn studie Toegepaste Onderwijskunde werd door de docenten Instrumentatietechnologie juist deze toepassing onderzocht. (Min, Dirkzwager cs). Nu, bijna 30 jaar later, blijkt deze belofte uit te komen.

Expertise en Innovatie

De keynote door Jan van Tartwijk (Universiteit Utrecht) was conceptueel het meest uitdagend en voor mij het meest boeiend. In een boeiend betoog maakte hij duidelijk hoe kennis zich ontwikkeld van de novice, via de intermediate naar de expert, wat dit betekent voor de flexibiliteit van die kennis en de adaptiviteit danwel innovatiegerichtheid van de betrokkenen. Hiermee werd een (voor mij) eerste poging gedaan om een theoretische onderbouwing te geven voor de waargenomen weerstand tegen onderwijsinnovatie, juist bij expert-docenten. Een conceptueel model dat praktijkwaarnemingen verklaart, beter kan het niet worden.

Van Tartwijk gaf met zijn betoog het “waarom niet” aan bij al die projecten die er op gericht waren op kennis van experts in de computer te stoppen. Zeker, de huidige maatschappij kent een groot aantal kennissystemen die mensen adviseren. De echte doorbraak van deze systemen in het onderwijs, is er nog steeds niet (los van de vraag of we die wel willen).

Track and trace

Een aantal keren is het volgen van leerlingen aan de orde geweest: (onder andere) Visscher over Snapit, Plak en Merkelbach over lezen, Haerlemans over Muiswerk en Kester over adaptief leren. De gemene deler is dat al lerende de leerling data genereert, hetgeen weer leidt tot een nieuw leer- of toets aanbod en data voor de docent. Dus wanneer een leerling bij Muiswerk sommetjes maakt, kiest het systeem steeds een volgende opgave, tot het werk af is. De docent kan via een dashboard de vorderingen dan volgen.

Dergelijke systemen zijn verrassend weinig verschillend van de “learning machines” die Skinner in de 50-er jaren maakte. Daar bestond de computer uit een ponsband en een machine die teksten toonde, het enige nieuwe is dat het medium nu een computer is. Daar zit dus meer dan 60 jaar geen werkelijke innovatie.

De enige innovatie die gerapporteerd werd, ging over de beoordeling, de rating, van leerling en opgave in het computersysteem. Marthe Straatemeier (UvA), meldde het gebruik van een ratingsysteem analoog aan het ELO-systeem dat in de schaakwereld gebruikt wordt. De weergave van de moeilijkheid in digitale systemen werd (wordt?) vaak gedaan aan de hand van de p-waardes, het percentage leerlingen dat de opgave goed heeft. Bij het ELO-systeem speelt hierbij ook het niveau van de leerling een rol. Uiteindelijk maakten leerlingen dan ook opgaven die bij hen passen op een zodanige manier dat iedereen ongeveer 75% opgaven krijgt die op niveau en succesvol gemaakt kunnen worden. Echt een aanpak die verdere uitbouw verdient.

Opvallend bij deze presentaties was vooral de waarneming die meerdere keren gerapporteerd werd dat bij volg- en adaptieve systemen, juist de sterke leerlingen het meest profiteren. Bij Inge Molenaar (Radbout Universiteit Nijmegen), werd hierbij een poging tot het beschrijven van het onderliggende mechanisme gedaan: bij veel oefensoftware zit een dashboard. Docenten raadplegen dat dashboard om leerlingen te volgen. Daarbij worden ook de voortgang van de sterke leerling zichtbaar. In klassensituatie is deze voor een docent minder zichtbaar: de zwakke leerlingen vragen / krijgen nou eenmaal meer aandacht. En wanneer de aandacht meer gelijk over de leerlingen verdeeld wordt, leveren de zwakke leerlingen in. Een punt dat m.i. extra onderzoek vraagt.

Wat werkt wel, wat werkt niet.

De ondertitel van de conferentie, wat werkt wel en wat werkt niet, geeft waarschijnlijk de stand van zaken in dit domein weer. Ik vind dat teleurstellend. Het betekent namelijk dat we nog steeds het “wat” aan het uitzoeken zijn. De “waarom” vraag, daar komen we nog niet, of te weinig, aan toe. Een heldere constatering, die helaas niet leuker is. Het maakt deze conferentie niet overbodig: het is zoals het is, maar het maakt vooral duidelijk dat er nog een lange weg is.

De onderzoeksconferentie 2017

Voor mij was dit een nuttige dag. Ik zet bij wijze van spreken de volgende alvast in mijn agenda. Suggestie voor de volgende ondertitel: Wat werkt, waarom en waarom weten we dat zeker? Wat meer loskomen van descriptief onderzoek, meer aandacht voor theorieontwikkeling en methodologie is m.i. op zijn plaats.

Verantwoording

Mijn bezoek aan de Onderzoeksconferentie 2016 is mogelijk gemaakt door het ticket dat ik van Willem Karssenberg gekregen heb. Hij had een aantal tickets van Kennisnet / NRO gekregen om uit te delen. Ik heb genoten van deze gastvrijheid, van Willem en van beide instellingen. Aan de gastvrijheid waren geen voorwaarden verbonden. Dit stuk is zonder enige aanpassing van buitenaf tot stand gekomen.

About Paul Ket

Paul Ket studeerde onderwijskunde aan de universiteit Twente en is, na 10 jaar werkzaam geweest te zijn in de universitaire wereld en als teamleider in het vmbo (Wellantcollege), sinds kort weer docent wiskunde, verbonden aan Revius Lyceum Doorn.

No comments yet... Be the first to leave a reply!

Geef een reactie of deel je eigen ervaringen. Graag met je eigen naam ondertekenen, geen pseudoniemen. Anonieme reacties worden verwijderd.

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: